Marianne Looisen, Instructeur Stella Groningen
Het leuke van dit vak is dat ik studenten tegenkom met totaal verschillende achtergronden en karakters. Soms wat meer technisch georiënteerd, soms zeer gedreven, maar vrijwel altijd met liefde voor het vliegen. Van al die verschillende persoonlijkheden goede piloten maken, dat is een mooie uitdaging.
De echt goede piloten onder de studenten hebben vaak een enorme drive om meer te weten, om het nog beter te doen en om extra tijd te investeren. Dat zijn de hongerige, zeer nieuwsgierige mensen waar ik fijn mee kan werken en die ik ook wel eens moet afremmen. De ‘drive’ hebben ze later wel nodig, want ze zullen eeuwig moeten blijven leren.
Mijn eigen loopbaan begon bij het zweefvliegen en motorzweven, waar ik op den duur instructeur ben geworden, overigens naast een ‘reguliere’ baan. Ik heb altijd het gevoel gehad dat ik ooit van vliegen mijn vak wilde maken. Bij Stella kreeg ik die kans, na het behalen van mijn CPL. Ik blijf vliegen een mooi virus vinden, dat laat mij nooit meer los. Als ik een paar dagen niet gevlogen heb, dan merk je dat aan mij.
Een deel van de charme is de techniek achter het vliegen. Ik realiseer mij bij elke take-off hoe bijzonder het is dat deze machine in de lucht blijft hangen. Het is ook de manier waarop het luchtruim in elkaar zit, hoe je communiceert met de verkeersleiding, het hele plaatje. Het moet allemaal kloppen, dat maakt het interessant.
Daar komt nog een aspect bij: wij moeten de studenten vormen om een echt verantwoordelijke piloot te worden. Dat is dus meer dan het beheersen van de 14 theoretische vakken bij Stella. Daarbij is het voor mij de kunst om de persoonlijkheid van de student te doorgronden: is het een perfectionist, een technisch gericht iemand, een rekenaar? Of juist een sociale teamplayer? Ieder heeft zijn sterktes en het gaat erom dat alle skills op een hoog en uitgebalanceerd niveau worden gebracht. De goede eigenschappen vinden – veel studenten kennen hun eigen kracht niet – en die goed uitdiepen. De combinatie van goed ontwikkelde eigenschappen vormt goede piloten.
Dat betekent ook dat we aan eigengereide individualisten in de cockpit niets hebben. We willen kordate en deskundige, maar wel op samenwerking gerichte piloten afleveren. Team players! Daar hoort ook bij dat je een zekere weerbaarheid krijgt. Je mag bij Stella fouten maken, want dat is ook vormend. Maar we willen wel studenten klaarstomen om hun mannetje te staan, dat geldt uiteraard ook voor de vrouwelijke studenten.
Het is dus niet alleen het gas open zetten, vaart maken en opstijgen. Ik probeer in de opleiding ruimte te bieden voor de ontwikkeling van de sociale kant van de piloot, want je zult in de cockpit ook ‘manager’ moeten zijn. Het mag duidelijk zijn dat leren vliegen veel meer is dan ‘opstijgen, vliegen en landen’. Vliegen is een uitdaging en wel op zeer veel interessante vlakken!

















