Opleiding

Om piloot te worden en in Europa te mogen en te kunnen werken, moet je in eerste instantie beschikken over het CPL (Commercial Pilot License), met de bevoegdheid blindvliegen (IR, Instrument Rating) en een afgeronde theorieopleiding ATPL (Airline Transport Pilot License). Voldoe je aan deze minimumeisen, dan ben je in het bezit van het zogenoemde Frozen ATPL en kun je als copiloot terecht bij een maatschappij. Bij Stella heb je in twee jaar de juiste papieren om een kist te mogen besturen.

Na het Frozen ATPL ga je bij de maatschappij waar jij aan de slag gaat je type-rating halen. Dan volgt dus in feite de keuze voor bijvoorbeeld een Boeing 737 of een Airbus 320. Puur afhankelijk van waarmee jouw werkgever vliegt, haal je dan een extra aantekening om op een typevliegtuig te mogen vliegen.

Eerste solovlucht
Na je eerste solovlucht mag je ook naar andere vliegvelden vliegen, bijvoorbeeld naar Groningen, Texel, Maastricht, België, Frankrijk en Duitsland. Vast ritueel voor veel studenten is de koffie met appeltaart op de luchthaven. Na elke goede landing heb je dat wel verdiend! Je begint met 'op zicht vliegen', dus simpelweg koers houden met herkenningspunten op de grond: een snelweg, een spoorlijn of de Afsluitdijk. Dat betekent dat je afhankelijk bent van mooi weer. Met veel bewolking kun je natuurlijk niet zien waar je vliegt.

Pas later leer je het zogenoemde instrumentvliegen. Je kunt dan onder alle weersomstandigheden de lucht in. In de simulator worden die zo goed nagebootst dat het onderscheid met een echt vliegtuig er niet of nauwelijks is. Onder begeleiding van ervaren docenten train je onder verschillende weersomstandigheden maar leer je ook andere dingen, zoals noodlandingen, bochten, side slipping en taxiën.

Vertel vrienden

De opleiding: hard werken

De dagopleiding van Stella duurt in totaal ongeveer twee jaar: een theoriegedeelte en een praktijkgedeelte.

De theorie: veertien vakken

Soms lijkt het ingewikkeld en onze terminologie klinkt velen als abracadabra in de oren.

De praktijk: nu krijg je echt vleugels

De eerste solovlucht herinnert iedere piloot zich nog.

Je mentor: de steun en toeverlaat

Gedurende de opleiding heb je een persoonlijke mentor. Deze mentor is enerzijds een vraagbaak voor de studenten, anderzijds houdt hij de studieresultaten bij en gaat hij daarover zonodig een gesprek met je aan.